30 mei 2010: Bradenton Beach - Port Charlotte
Goeiemorgen morgen, goeiedag! Nicole & Hugo konden het niet beter zingen…
Ondertussen ben ik hier weer op een goddelijk vroeg uur wakker geworden.
Raar gedroomd ook: dat ik terug op school zat, dat Jommeke (mijn vroegere wiskunde-lerares) deze keer op pensioen was en dat ze werd vervangen door één of andere slome vent die wiskunde helemaal anders uitlegt en dat ik maar zit te panikeren in die klas en dat ik niet weet hoe ik in godsnaam door mijn laatste jaar middelbaar ga geraken. Raar, maar dat droom ik dus regelmatig hé. Ne mens en zijn gedachten ook!
Raar gedroomd ook: dat ik terug op school zat, dat Jommeke (mijn vroegere wiskunde-lerares) deze keer op pensioen was en dat ze werd vervangen door één of andere slome vent die wiskunde helemaal anders uitlegt en dat ik maar zit te panikeren in die klas en dat ik niet weet hoe ik in godsnaam door mijn laatste jaar middelbaar ga geraken. Raar, maar dat droom ik dus regelmatig hé. Ne mens en zijn gedachten ook!
Bart ligt hier nog goed te soezen in bed, dus misschien moet ik dat ook nog maar eventjes doen… Alhoewel dat ik niet meer kan slapen eens ik wakker ben.
Vandaag rijden we verder tot aan Port Charlotte, wat niet zo ver van Fort Myers Beach ligt. Eerlijk gezegd had ik liever iets geboekt aan Fort Myers Beach, maar dat bleek allemaal zo duur te zijn en sommige hotels waren ofwel volzet ofwel namen ze geen gasten aan die maar 1 nacht bleven. Het is hier namelijk nog Memorial Weekend en dan moet je hier minimum 3 nachten boeken in sommige hotels. Dus hebben we in Port Charlotte een motel geboekt vlakbij het water. Hopelijk valt dat zo’n beetje mee…
Nu wil ik vandaag eens langs het water rijden, dus of dat we nu tol moeten betalen of niet, het kan mij geen barst schelen maar ik wil eens wat anders zien dan stomme snelwegen waar niks te zien valt. Dus als Bartje hier eindelijk wil wakker worden, dan pakken we ons boeltje in en vertrekken we op ons gemakske verder richting ‘t zuiden.
Onze trip start via Bradenton Beach richting Naples. Onderweg zijn we nog gestopt in Sarasota, maar daar stikte ik van de hitte toen ik uit de auto stapte. In die hitte had ik niet veel zin om het “Ringling Museum” te bekijken. John Ringling was een invloedrijke mens hier in het Zuiden van Florida, en had zijn eigen circus. In 1884 begon hij samen met zijn vijf broers, een rondreizende wagenshow. Die shows groeiden uit tot een van de succesvolste circussen van die tijd. En John Ringling’s huis (oftewel zijn winterresidentie) is nogal apart en nog steeds te bekijken hier in Sarasota. Het huis zelf is ontworpen naar een Venetiaans palazzo. Uiteindelijk zijn we maar doorgereden en besloten we om het Myakka River State Park te gaan bekijken.
In dit park moet je een idee krijgen hoe de streek er moet hebben uitgezien in de tijd van de pioniers. Je vindt er naaldbossen, palmbomen, palmetto’s (korte palmboom-struiken), droge prairie en veel water en moerasjes. De inkom was 6 dollar voor ons 2, dus vroegen we aan de ranger of er nog wat informatie over het park beschikbaar was. Ze gaf ons een paar brochures mee en zei dat de Canopy Walk zeker de moeite was, plus de tram- of airboatride-tour. Dus wij door het park rijden, en ik zat al lichtjes te zweten. Niet van de hitte deze keer, maar van de zenuwen. Ik heb vandaag weer wat grenzen verlegd. Ik en mijn fobie voor slangen in zo’n park op sletsen rondlopen: het is weer eens wat anders.
Er liepen een paar mensen rond met hondjes, waaronder een met een labrador pup. Die was superschattig, maar wel heel moe van de hitte en het wandelen. Raar dat mensen in deze hitte hun honden eventjes naar zo’n park meenemen. Er lopen alligators vrij rond, er zitten slangen en wie wat hoeveel meer van die vieze beesten er rondlopen. Volgens mij is dat toch gevaarlijk.
Er liepen een paar mensen rond met hondjes, waaronder een met een labrador pup. Die was superschattig, maar wel heel moe van de hitte en het wandelen. Raar dat mensen in deze hitte hun honden eventjes naar zo’n park meenemen. Er lopen alligators vrij rond, er zitten slangen en wie wat hoeveel meer van die vieze beesten er rondlopen. Volgens mij is dat toch gevaarlijk.
In ieder geval, we stappen uit om naar die hangbrug (de Canopy-Walk) te wandelen en ik zat maar te hopen dat er geen groene slang of weet-ik-veel-wat voor lelijk beest mijn pad zou kruisen. Het grote voordeel van in zo'n park rond te lopen? De koele schaduw! Het ging nog best toen ik in de schaduw van de bomen liep, maar eens op de trappen van dat houten geval en op die hangbrug voel je direct de hitte op je lijf branden. Pffff, ik heb serieus moeite moeten doen en het was nog ineens niet zo hoog. Over die brug dierf ik plots niet meer te lopen, want ik had nog altijd zo’n angstbeeld in mijn stomme kop van “straks kruipt er hier voor mijn neus een groene slang over een tak en dan sta ik daar in ‘t midden van die brug”. Dus ik ben blijven staan totdat Bart terug was… Stom van mij, maar ja… ik kan er niet aan doen dat ik schrik heb van lelijke beesten hé?
Daarna ben ik met Bart teruggelopen naar de auto en dan zijn we op ‘t gemak doorgereden naar de plaats waar het trammetje vertrekt en waar er grote airboats liggen. Je kan daar een snack of souvenirs kopen én je ticket voor die tramtour of die airboat-ride. Ze vragen nog eens 12 dollar per persoon voor die tram én als je dan nog eens op die boot wil zitten, kan je nog eens 6 dollar per persoon uit je zak slaan. Ik vond het al verdacht dat de ingang van het park maar 6 dollar kostte! Eerst waren we van plan enkel die tocht per tram te doen, maar die vertrok pas om 13u, en aangezien het nog maar 11u30 was en al flink hee, besloten we maar om verder te rijden. We kunnen nog altijd een airboat tochtje doen in the Everglades, dachten we…
Bij het verlaten van het park stopt Bart toevallig op een brug om nog eens aan een meer te gaan kijken of hij geen vogels of andere beesten zou spotten en jawel… We hebben onze eerste grote alligator zien liggen aan de zijkant!!! We konden hem zelfs horen snuiven (volgens mij rook hij ons), en na een dikke minuut dook hij weg.
Natuurlijk zagen de mensen ons staan met onze camera’s, dus die stapten ook uit om te komen kijken maar hij was allang weg. Wel spannend om zo’n beest van zo dichtbij te kunnen bekijken…
Natuurlijk zagen de mensen ons staan met onze camera’s, dus die stapten ook uit om te komen kijken maar hij was allang weg. Wel spannend om zo’n beest van zo dichtbij te kunnen bekijken…
Ons tochtje werd verdergezet en we besloten om eerst door te rijden naar ons motelletje in Port Charlotte. Dat overigens superschattig is, met een superlief en vriendelijk onthaal.

Die mevrouw, Betty, hielp ons direct met te vertellen wat we zoal konden doen en waar we naartoe konden om te eten enz… Daarna onze koffers op onze kamer mogen gaan zetten. De kamer valt trouwens héél goed mee, basic maar proper. De bedden zijn iets te klein om er met 2 in te liggen, dus dat wordt waarschijnlijk weer elk in z’n eigen bed. Maar dat is nog niet zo erg: zo hoor ik Bartje zijn gesnurk eens niet.
Die mevrouw, Betty, hielp ons direct met te vertellen wat we zoal konden doen en waar we naartoe konden om te eten enz… Daarna onze koffers op onze kamer mogen gaan zetten. De kamer valt trouwens héél goed mee, basic maar proper. De bedden zijn iets te klein om er met 2 in te liggen, dus dat wordt waarschijnlijk weer elk in z’n eigen bed. Maar dat is nog niet zo erg: zo hoor ik Bartje zijn gesnurk eens niet.
Daarnet ging Bart eventjes op z’n bed zitten en ik plof zo naast hem neer op de rand van het bed, als bijna het ganse bed in onze nek stak. Dat bed staat hier dus gewoon los en wiebelachtig, én op wieltjes. Dat belooft voor vanavond!!! LOL!
Onze koffers hebben we afgezet en dan zijn we teruggereden naar Fort Myers waar we Thomas Edison zijn labo en een gans museum hebben bezocht waar je kon zien hoeveel patenten hij wel niet bezat, wat persoonlijke spullen van hem, waaronder een originele Ford die hij geschonken kreeg van zijn beste vriend, Henry Ford. Edison heeft trouwens veel dingen geperfectioneerd, of soms ook uitgevonden, zoals de pratende pop. De gloeilamp met koolstofdraden is ook uit zijn hoofd ontsproten. Dit is zijn labo:
Om verder te gaan met mijn verhaal… We wilden voor we op restaurant gingen nog eventjes kijken hier op de dokken of er manatees of dolfijnen of eventueel haaien te zien waren, maar geen geluk voor ons. We komen voorbij een visser op het eind van het dokske en die zat al de ganse tijd te vissen, en hij had blijkbaar ook al geen geluk. We geraken aan de praat met hem en hij wist ons te vertellen dat hij hier echt prachtige exemplaren soms ziet voorbij zwemmen, je moet je alleen heel goed concentreren. Wat moeilijk was, want het water was echt heel woelig, dus ik zag bijna geen enkele vis passeren. Bart zag er om de vijf scheet één, ik niks.
Die visser heette John en kwam eigenlijk uit Portsmouth, Engeland. Hij kwam hier al zeker een 6-tal jaar, en had al redelijk wat van de wereld gezien. Waarom hij graag naar hier kwam, kon hij niet uitleggen. Hij voelt zich hier thuis, en wordt hier elke keer opgevangen door de eigenaars als familie.
Ik vroeg me af waarom hij daar altijd maar alleen zat te vissen, en of hij dan niet getrouwd was geweest. Hij was blijkbaar gescheiden, nadat zijn vrouw en hem hun enige dochter hebben verloren aan kanker een 3-tal jaar geleden. Z’n dochter was amper 35 jaar… Hij viste graag, en zijn dochter deed dat ook graag – die hier ook al was geweest. En elk jaar kwam hij terug naar Port Charlotte, voor een 8 weken, gewoon… om te vissen. Die mens heeft nogal een leven volgens mij. Hij doet wat hij wil, en wil profiteren van z’n leven. Het leven is al zo kort, zei hij.
Ik vroeg me af waarom hij daar altijd maar alleen zat te vissen, en of hij dan niet getrouwd was geweest. Hij was blijkbaar gescheiden, nadat zijn vrouw en hem hun enige dochter hebben verloren aan kanker een 3-tal jaar geleden. Z’n dochter was amper 35 jaar… Hij viste graag, en zijn dochter deed dat ook graag – die hier ook al was geweest. En elk jaar kwam hij terug naar Port Charlotte, voor een 8 weken, gewoon… om te vissen. Die mens heeft nogal een leven volgens mij. Hij doet wat hij wil, en wil profiteren van z’n leven. Het leven is al zo kort, zei hij.
Ik werd er een beetje stillekes van. En die John was echt superlief. Al een oudere, gezette vent met zo’n versleten klakske op en een shortje en sportschoenen.
Hij stelde zelfs voor aan Bart dat hij gerust zijn spullen mocht gebruiken om eens te vissen hier. Bart heeft nu spijt dat we hier niet een dagje langer blijven. 
In ieder geval, we zijn nog een hap gaan eten in het restaurant Portofino, niet ver van hier. Op het terras kon je aan het water zitten, wat zalig was met een beetje zeebries.
Ik had een goeie filet mignon gepakt met patatten, gestoomde groentjes en apart een potje peperroomsaus. Dat heeft nu nog eens goed gesmaakt sè… Bart krijgt hier geen genoeg van de pasta, dus die nam linguine met tomatensaus, kip en goed wat kaas erover.
Op het terras kon je, als het al donker was, een grote witte reiger (ze noemen het hier een “Heron”) zien rondsluipen, op zoek naar vis. Hij stond echt met zijn poten helemaal in het water en hoe hij rondliep was schoon om te zien.
Ik had een goeie filet mignon gepakt met patatten, gestoomde groentjes en apart een potje peperroomsaus. Dat heeft nu nog eens goed gesmaakt sè… Bart krijgt hier geen genoeg van de pasta, dus die nam linguine met tomatensaus, kip en goed wat kaas erover.
Op het terras kon je, als het al donker was, een grote witte reiger (ze noemen het hier een “Heron”) zien rondsluipen, op zoek naar vis. Hij stond echt met zijn poten helemaal in het water en hoe hij rondliep was schoon om te zien.
Uiteindelijk zijn we niet lang op het terras blijven zitten, want we werden opgevreten door muggen. We moesten ons een beetje inspuiten en zo zijn we dan terug naar die dokken getrokken aan ons motelletje, om te zien of we nu geen vissen zagen rondzwemmen. Heel dat steigertje was verlicht, dus je kon af en toe wel eens zo’n gestreepte grote vis zien voorbijzwemmen, maar meer ook niet. Een paar meter verder stonden 3 meisjes en hun vader te vissen. En raar maar waar, die mensen zijn hier zo vriendelijk, ze beginnen zelf tegen je te praten. Die mens al direct zo tegen Bart: “you want to fish?”. Wat mee aan de praat geraakt, met Fred… en zijn drie dochters. Werkt in den bouw, en werkt samen met de eigenaar van ons motel om de verhuurboten klaar te maken voor de gasten.
Een beetje gebabbeld over Florida, over Port Charlotte, vanwaar hij kwam, en voor je het weet hoor je weer een heel levensverhaal… Ik zei dat hij mooie dochters had en vroeg of dat hij ook nog zonen had. Lap, ik had weer wat gevraagd zene… Die mens heeft ooit een zoontje gehad, dat verdronken is in één of ander zwembad. Waarschijnlijk iets gezien, erachter gesprongen en na 5 minuten is het soms al te laat, zei hij. Zijn zoontje zou nu 21 jaar moeten geweest zijn. Zijn oudste dochter is er 15, de andere 12 en de jongste 9, die trouwens de oogappel van de mama was.
We begonnen over een ander onderwerp: de olievlek. Hij zei dat die vlek nog steeds niet de kust van Florida heeft bereikt, maar dat wél zal doen in ongeveer 4 weken, mocht er nog steeds niets gedicht zijn. Da’s dus een ramp voor de dolfijnen, want die zwemmen misschien naar andere oorden en kunnen dus niet meer broeden hier aan de steiger (blijkbaar komen haaien én dolfijnen hier om zich voor te planten). En een ramp voor de vis en de vogels. Ze houden hier hun hart vast voor wat komen gaat. Ze proberen zich er nu nog geen zorgen over te maken en hopen op ‘t beste… Maar ‘t ziet er niet goed uit, zeggen ze zelf.
We begonnen over een ander onderwerp: de olievlek. Hij zei dat die vlek nog steeds niet de kust van Florida heeft bereikt, maar dat wél zal doen in ongeveer 4 weken, mocht er nog steeds niets gedicht zijn. Da’s dus een ramp voor de dolfijnen, want die zwemmen misschien naar andere oorden en kunnen dus niet meer broeden hier aan de steiger (blijkbaar komen haaien én dolfijnen hier om zich voor te planten). En een ramp voor de vis en de vogels. Ze houden hier hun hart vast voor wat komen gaat. Ze proberen zich er nu nog geen zorgen over te maken en hopen op ‘t beste… Maar ‘t ziet er niet goed uit, zeggen ze zelf.
Fred wist ons ook te zeggen dat als we grote vissen of dolfijntjes willen zien, dat we morgenvroeg – als het net licht wordt – nog eens terug moesten komen kijken. Bart is dat sowieso van plan én om eens een lijntje te hengelen hier aan ‘t dokske… Dus je ziet, we gaan ‘t op ‘t gemakske pakken hier hé.
Eerst nog een beetje slapen, want ik heb hier weer een serieuze klop van de hamer gekregen. 
Tot morgenvroeg!
Tot morgenvroeg!
Inge & Bart xxx




Reacties