Dag 14 - Zion NP - Page


Geeuw!!!
Het is hier al 9 uur, terwijl het eigenlijk nog altijd 8 uur op onze horloges is. Al een geluk dat er hier een klokje hangt. Dus we moeten hier dringend vertrekken… De zon schijnt hier volop, met géén enkel wolkje aan de lucht!!! Kan je je al voorstellen hoe content ik wel niet ben??? EINDELIJK eens opstaan met stralend weer… 
In ieder geval, we gaan ons rap klaarmaken zodat we sebiet kunnen doorrijden voor een ritje naar Bryce. Ben eens benieuwd. Ik ga sowieso héél mooie foto’s kunnen nemen, daar ben ik nu al zeker van! 
We vertrekken om 10 u. ’s morgens uit Springdale. Onze horloges staan nog op 9u., maar in de staat Utah is alles 1 uur later. In ieder geval, we zijn een beetje bang dat we het allemaal niet meer op tijd gaan kunnen zien, dus zijn we in volle vaart naar Bryce gereden. Allé, in volle vaart? Hier moet je niet aan “speeding” doen, of ze rijden achter je gat en laten je stoppen. Heel wat anders dan in België. Trouwens, de Belgjes mogen een puntje zuigen aan de hoffelijkheid van Amerikanen op de wegen! Als er hier op een kruispunt geen lichten staan, maar enkel een stopbord, geldt de volgende regel: degene die eerst aan het kruispunt aankomt, mag eerst doorrijden, dan de tweede, dan de derde enzovoorts. Blijkbaar is dat systeem hier zo goed ingeburgerd dat niemand zich niet aan de regels houdt. In het begin eventjes griezelig, daarna vinden we het wel heel gemakkelijk. En als je niet zeker bent, laat je de mensen voor.

Na een tweetal uur te rijden, komen we aan in Bryce Canyon. Een heel mooi park met bangelijk mooie uitzichten. De foto’s laten we voor zichzelf spreken, dus je moet dan maar eens een kijkje nemen. J We zijn niet zo heel lang gebleven, aangezien we ook nog helemaal terug uit dat park moesten rijden (er is blijkbaar maar 1 exit, en die is vanwaar je gekomen bent)… Dus wij diezelfde weg teruggereden, wat een beetje saai was en dan vooral voor Bartje. Hij vindt de meeste wegen, hoe lang die ook mogen zijn, meestal heel interessant en leuk om te rijden, maar niet als je dezelfde weg twee keer moet doen. Ik kan ‘m wel begrijpen.
In het stadje beneden zijn we nog eventjes gestopt om wat bij te tanken, en daar hebben we de bordjes “Grand Canyon” gevolgd, waar we eerst stopten in Page. We slapen hier twee nachten in een motel 6, dat zogezegd “free internet” aanbiedt, maar wat voor zever is dat zeg? Het internet reikt maar tot bepaalde kamers. Er staat een computer met zo’n hobby-router in de lobby, en ik geloof dat mensen die daar vlakbij slapen, in hun kamer zeker en vast kunnen profiteren van het gratis internet, maar hoe verder je zit hoe lastiger de internetverbinding is (traag dus). Onze internetverbinding werkt meestal gewoon niet, en ons oud kraam (de laptop) doet de laatste weken heel lastig… Om het halfuur valt hij helemaal uit, zonder enige waarschuwing en daar zit je dan. J Ik heb gisterenavond nog geprobeerd om te bloggen op de computer van het hotel, maar daar was wederom een qwerty-klavier… *zucht* En toen ik een stukje wilde opslaan, bleef het eeuwen duren vooraleer dat internet mijn kort verslagje wilde updaten. Dus ja… moet ik het maar in Word typen en het er vanavond proberen op te zetten. 
En het inchecken op de kamer was ook weer geweldig hier. We kwamen hier aan, netjes op tijd (om 15u. ofzo) met onze valiezen en een beetje moe van de trip… We krijgen de sleutel van het meisje aan de balie, waarna we met heel ons boeltje naar de tweede verdieping moeten gaan. Jaja, al een geluk was er een lift. 

In de gang zien we een paar moteldeuren gewoon openstaan, en ook aan onze kamer bleek de deur open te staan én de twee bedden waren nog niet opgemaakt, noch was de badkamer al gekuist. Dus stonden we daar schoon te schilderen hé. J Bart vraagt aan een kuisvrouw een beetje verderop of het normaal is dat onze bedden nog niet zijn opgemaakt, en ze komt zo’n beetje slaperig (het zal hun siësta geweest zijn zeker?) en verwonderd buiten uit haar kamer waar ze héél traag alles aan het opkuisen was, als ze zegt: “oh, but that room is not mine”. 
Allé vooruit! Daar gaan we dan. Da’s niet van mij… Ik kreeg het ver. Uiteindelijk heb ik Bart dan naar beneden gestuurd waar hij ging vragen of het normaal was dat onze kamer nog niet klaar was. Dat mens aan de balie kwam al uit de lucht vallen van : “hoe, die is nog niet klaar?”. Uiteindelijk hebben we dan nieuwe sleutels gekregen voor een motelkamer op ’t gelijkvloers die wel klaar was… 
We zijn er dan toch nog geraakt hé. ;-D
Na heel die rompslomp hebben we onze koffers gedropt in de kamer, en terug in de auto gesprongen om richting Horseshoe Bend te rijden. Da’s dus waar de Colorado-rivier de gesteenten in enkele miljoenen jaren heen heeft uitgesleten tot er dus nog iets overblijft dat lijkt op een… jaja, een paardenhoef. 

We zien dat bordje “Horseshoe Bend” staan, met een pijltje naar rechts, dus we slaan daar af en we parkeren onze auto daar. Ik vond het redelijk warm (het was ongeveer 80°F, wat ongeveer iets van een …°C moet zijn) dus ik nam 2 flesjes water van 1 liter uit de superhandige koelzak van Schwarzkopf (MERCI IVANTJEN!!!). Bart vond dat eerst niet nodig, tot we die tocht naar dat spel moesten doen. We zien daar niks, behalve één heuvel, dus ik vermoedde dat achter dat bergske dan die Horseshoe Bend wel zouden zien liggen… Had ik het eventjes verkeerd. Ikke op die heuvel en kijken… en dan kwaad worden, want ik dacht: “ja, die van motel 6 heeft ons hier weer goed liggen gehad zeker? Er is hier geen Horseshoe Bend te zien!”  Jaja, tarara! Ge moest potverdorie nog een héél eind in de vlakke zon (nergens geen schaduw) lopen op zand, steentjes en stukken rotsen die uit het pad komen steken…
Manman, en ik liep weer op mijn sletskes rond zene. Iedereen die ons passeerde, liep met stoere bergschoenen of stevige sportschoenen rond, ikke op mijn sletskes. lekker handig, haha! Dat ik daar niet ben verongelukt of uitgeschoven, ’t is nog altijd een mirakel. In ieder geval, ik was zo content dat ik wat water had meegenomen. Tegen de tijd dat we bijna aan de auto terug waren, waren de flesjes water leeg.
Het moet wel gezegd: de tocht ernaartoe is misschien wel vermoeiend, maar het is de moeite waard om dat schouwspel te zien vanop enkele rotsen. Bart draaide daar al helemaal van de schrik, omwille van z’n hoogtevrees, maar ik vond het weeral spectaculair! Geweldig om te zien…
Omdat het al laat op de middag was en we alletwee een beetje aan het zweten waren van de tocht naar Horseshoe Bend, hebben we besloten om richting Wal*Mart te rijden. Onderweg rijdt Bartje daar op zijn gemakske, totdat er ineens een politiewagen achter ons rijdt en zijn sirenes aansteekt! Ik kan jullie vertellen: ge springt een meter naar omhoog van ‘t verschieten zene. Bart al direct supernerveus: "Hoe??? Ik rijd toch niet te rap hé? Gaan die ons tegenhouden of wat?" Maar nee, de flik had zijn sirenes effe aangestoken om voorbij te kunnen steken. Hihi… En wij maar verschieten en denken dat we te rap reden. We reden te traag ja.
Maar ik was aan ‘t vertellen over WAL*Mart hé. Da’s een SUPERmarkt met een hoofdletter S! Die verkopen daar echt alles. We zijn daar weer wat eten gaan inslaan en wat fruit en water, zodat we er weer tegen kunnen voor de komende dagen. En ge zult wel zien op de laatste foto’s wat ik er nog heb gekocht.
Tegen de tijd dat we alles op de kamer hadden gezet, was het bijna etenstijd, dus zijn we richting het restaurant de “Dam Bar & Grill” gereden waar we alletwee iets lekkers hebben gegeten. Bartje nam de New York Strip Steak met frietjes en sla, ik koos een gebraden halve kip met gebakken patat in de schil (een beetje droog, maar kom) en twee bordjes salade, aangezien Bart zijn salade niet wilde eten.
Daarna zijn we nog richting de Glen Canyon Dam gereden, waar we weeral met trapjes en rotsen naar beneden moesten lopen om een paar mooie foto’s te schieten van het uitzicht. Bangelijk groot en diep… Ik vermoed dat de Hoover Dam nabij Las Vegas nog ietsje groter en meer overweldigend zal zijn, maar ik vond dit toch ook al de moeite waard. Ne mens ziet niet elke dag zo’n grote dam hé?
Het was al een beetje afgekoeld als we daar stonden, maar toch nog altijd lekker warm. Een paar wolkjes tegen een helblauwe lucht die gezapig voorbij zweefden. Ideaal weer eigenlijk… Op het gemak zijn we terug naar boven geklommen (bij wijze van spreken) en in de auto gekropen en zo naar het motel getuft.
De matrassen in onze kamer zijn wel heel zacht en als je er in gaat liggen, zak je precies helemaal weg. Slecht voor mensen met een zwakke rug, gelijk Bibi hier. Maar we zijn toch stilletjes in slaap gevallen, elk in ons eigen bed, aangezien die bedjes hier wel vééééél te klein zijn om er met twee in te kruipen. 
Slaapwel….
Inge & Bart xxx
Klik hier voor de foto’s van vandaag!

Reacties